15 augustus 2012

Alles wordt gratis in leerland


Met de ontwikkelingen zoals de Kahn Academy http://www.khanacademy.nl/, edX van MIT en Harvard http://www.edxonline.org/ en Open Educational Resources (OER) http://www.surf.nl/nl/themas/innovatieinonderwijs/oer/pages/default.aspx wordt er stevig getornd aan het bestaansrecht van veel onderwijs- en opleidingsinstellingen. Over veel onderwerpen is wel een gratis (hoor)college of leermiddel te vinden. Hiermee beperken deze initiatieven zich niet tot de publicatie van een presentatie van een docent of vakinhoudelijk specialist maar gaat het bij OER om complete lesprogramma’s, bij de Kahn Academy over uitleg over de meest uiteenlopende vakken en bij edX zelfs over hoogwaardige colleges. Veel onderwijsinstellingen zijn  afgelopen jaren bezig geweest met het digitaliseren van hun (hoor)colleges en opleidingsinstituten met het inzetten van virtual classrooms en eLearning. Het gebruik hiervan bleef echter veelal beperkt tot de eigen instelling.

Deze nieuwe initiatieven trekken inmiddels aanzienlijke aantallen deelnemers. Bij de Kahn Academy loopt het aantal deelnemers inmiddels al op tot boven de 160 miljoen. Natuurlijk hebben deze initiatieven te maken met veel deelnemers die ondanks hun goede bedoelingen hun cursussen niet afmaken, het is tenslotte gratis en het afbreken heeft geen consequenties. Maar zelfs bij heel laag percentage van deelnemers die dit wel doen (de completion rate) zijn er al immense aantallen deelnemers door de cursussen van zowel Kahn Academy als edX nieuwe kennis hebben opgedaan.

Is rol van opleidings- en onderwijsinstellingen in deze nieuwe markt nu uitgespeeld?

Voor het onderwijs is het antwoord op deze vraag vrij helder. Het onderwijs is voor de leerlingen vormend en bereidt zijn leerlingen voor op een plaats in de samenleving. Deze rol blijft het zelfde, alleen de invulling wordt anders. Zo wordt hier bijvoorbeeld nagedacht over het concept van “Flipping de Classroom”. De “oude” colleges kunnen als voorbereiding dienen voor het samen werken aan uitwerkingen. De colleges worden als huiswerk meegegeven en steeds meer gebaseerd worden op de gratis materialen die voorhanden komen. Daarnaast wordt het “oude” huiswerk in de klas gemaakt. Hierbij krijgt de leerling directe feedback op het toepassen van het geleerde bij het maken van opdrachten.

Voor de opleidingsinstellingen is het antwoord iets complexer. Zij hebben geen vormende taak en ook geen leerplichtwet die hen verzekert van een continue stroom deelnemers. Daarnaast wordt gratis onderwijs of opleidingen in deze economische tijden door het management van organisaties aangegrepen om flink te snijden in de opleidingsuitgaven. Om toch verzekerd te zijn van goed opgeleide medewerkers ligt het iets complexer. Bij deze vooral kostenbesparende maatregelen wordt voorbij gegaan aan de motivatie tot leren en de begeleiding van de toepassing van het geleerde.

De gratis initiatieven gaan er vanuit dat deelnemers intrinsiek gemotiveerd zijn om de lessen te volgen. Deelnemers die dit niet zijn, vallen af, vandaar de lage completion rates. Dit is voor de meeste organisaties niet wenselijk. Opleiden gebeurt met als doel het voorbereiden op nieuwe taken. Afvallen is hierbij geen optie. Daarnaast moeten de deelnemers begeleid worden bij het toepassen van het geleerde in de eigen beroepspraktijk. Bij wie gaan ze te raden als ze het niet de eerste keer kunnen toepassen of bij problemen tijdens de uitvoering? Hier liggen de kansen voor nieuwe diensten van opleidingsinstellingen.
Opleidingsinstellingen kunnen de 
  • wat (wat moet er geleerd worden),
  • waarom (waarom is dit belangrijk voor mij als deelnemer)
  • hoe (hoe moet ik het geleerde toepassen in mijn praktijksituatie)
uit de opleidingsvragen gaan scheiden. Hierbij kunnen zij de wat vraag prima invullen met de nieuwe gratis initiatieven of andere goedkope kennisgeoriĆ«nteerde varianten zoals eLearning en zelfs traditionele boeken. De nieuwe diensten richten zich op het inspireren van medewerkers zodat deze weten waarom het aan te leren onderwerp  belangrijk voor hen is en het laten oefenen van de deelnemers met de nieuwe materie om hen zo vaardig te krijgen in het uitoefenen van de nieuwe taken of werken met nieuwe producten.